Een bijzondere kaatsmedaille uit 1911 heeft na ruim een eeuw zijn weg teruggevonden naar Friesland. Het Kaatsmuseum ontving vorige week uit handen van Paulus en Truke Zeinstra, namens hun familiestichting, de hoofdklassemedaille van oud-topkaatser Jan Zeinstra.
De medaille werd gewonnen op 11 juli 1911 tijdens de prestigieuze hoofdklassepartij in Dronryp. Zeinstra vormde toen een succesvol partuur met Jan Tuinhout uit Harlingen en Klaas Terpstra uit Bitgum. In de finale versloegen zij het sterke trio van Sybolt Tigchelaar, Cathrinus Werkhoven en Sijtze Kooistra overtuigend met 5-2 en 6-2.
Kaatsen zat de familie in het bloed
Jan Zeinstra groeide op in een groot gezin met twintig kinderen en maakte al op jonge leeftijd naam op de Friese kaatsvelden. Als twintigjarige behaalde hij in 1907 al een derde prijs in de hoofdklasse. Zijn beste seizoen beleefde hij in 1909. Dat jaar won hij twee eerste prijzen, behaalde hij een tweede prijs en twee derde prijzen en eindigde hij als vierde op de PC. Op de PC kaatste hij samen met Sjoerd Dijkstra en Teakele Swart uit Tzummarum.
De familie Zeinstra kende bovendien een rijke kaatshistorie. Jan was vernoemd naar zijn grootvader, die in Herbaijum grond schonk voor de oprichting van een kaatsvereniging. Uit waardering werd die vereniging naar hem genoemd.
Glorietijd van korte duur
Hoewel Zeinstra in 1912 nog een tweede prijs behaalde, kwam zijn carrière op het hoogste niveau daarna snel ten einde. In totaal verzamelde hij negentien hoofdklassepunten. In 1913 trouwde hij en nam hij op 25-jarige leeftijd de ouderlijke boerderij in Peins over. Het boerenleven kreeg vanaf dat moment voorrang boven het kaatsen. Op dezelfde boerderij groeide later zijn achterkleindochter Marrit Zeinstra op, die eveneens uitgroeide tot een bekende topkaatster bij de dames.
Medaille maakte bijzondere reis
De medaille bleef al die jaren binnen de familie, maar maakte ondertussen een bijzondere reis door Europa. Een zoon van Jan Zeinstra emigreerde naar Frankrijk en nam de medaille mee. Daar bleef het kleinood generaties lang zorgvuldig bewaard.
Dankzij het hechte familiecontact, onder meer via familiedagen en een familieblad, bleef de emotionele waarde van de medaille ook in Frankrijk levend. Uiteindelijk besloot de familie dat de historische prijs thuishoorde in Friesland.
Tijdens de Zeinstra-familiedag op 9 mei werd de zogenoemde ‘Rypster keatsmedalje’ officieel overgedragen aan het Kaatsmuseum en werd de schenkingsakte ondertekend. Daarmee is de medaille van Jan Zeinstra, 115 jaar na dato, terug op Friese bodem.